Vorige pagina

Muggen zijn berucht door hun rol in de overdracht van ziekten zoal malaria, dengue en West Nijl virus. Het is daarom niet alleen belangrijk om te weten onder welke omstandigheden we veel muggen kunnen verwachten, maar ook om te weten hoe we weer van ze af kunnen komen.

Hier doet promovendus Sam Boerlijst onderzoek naar bij het Centrum van Milieuwetenschappen Leiden (CML) als onderdeel van het OneHealth PACT. Dit consortium bepaalt hoe veranderingen in klimaat, landgebruik en menselijk handelen invloed hebben op muggen en de ziektes die zij over brengen.

Een van Sam's recente experimenten vond plaats in de kweektuin van de Hortus, waar in samenwerking met natuurbeschermingsorganisatie Ravon werd onderzocht hoe goed verschillende amfibieën zijn in het eten van muggen. Het geschikt maken van tuinen en (stedelijk) groen, een belangrijke voorwaarde voor het voorkomen van deze amfibieën, zou daarmee een potentiële duurzame manier zijn om muggen natuurlijk te bestrijden.

De opstelling bestond uit zesendertig 65L kuipen, elk met waterplanten, luchtpomp en een steen zodat de dieren uit het water konden indien gewenst. De bakken werden vervolgens overdekt met schaduwdoek, zodat roofdieren van buitenaf het experiment niet zouden kunnen verstoren.

Gedurende twee rondes van 72 uur werd de snelheid bepaald waarmee groene kikkers en kleine watersalamanders muggenlarven kunnen eten en of het geslacht van het roofdier en de troebelheid van het water hier invloed op hebben. Tijdens het eerste uur eten de kikkers en salamanders gemiddeld vijfentwintig muggenlarven per individu, en hoe minder muggenlarven er overleven, hoe minder je er in je slaapkamer zal vinden. Door deze informatie te vergelijken met eerdere experimenten aan muggen etende insecten, kan worden bepaald welke dieren we het beste in onze buurt kunnen houden. Ook helpt deze informatie bij het afstellen van modellen die muggendichtheden voorspellen.

Foto's van het onderzoek

Bij ons leer je de wereld kennen